bel +31 (0)15 215 58 39 of mail@vdkl.nl

De kunst van het zandkastelen bouwen.

15 maart 2018
15 Mrt 2018

Het is voor opdrachtgevers vaak overzichtelijk om een beslissing te nemen over concrete aankopen. Het dak moet gerestaureerd of  de stoelen zijn aan vervanging toe. Lastiger wordt het als het interieur een andere uitstraling moet krijgen. Immers er zit altijd wel iemand met een goede smaak in de kerk. Waarom zou je dan een interieurarchitect inhuren? Bovendien is het budget vaak krap en wat  is dan de meerwaarde van een goed ontwerp?

Zandkasteel

Ik vergelijk het altijd met het bouwen van een zandkasteel. Iedereen is wel eens op een mooie zomerdag met emmer en schep in de weer geweest, met wisselend resultaat. Maar, hoe mooi je bouwwerk ook was, als je het Scheveningse zandsculpturenfestival bezoekt, zie je het verschil tussen je eigen bouwwerk en dat van een professional.

Zijn de materiaalkosten bij een zandkasteel (mocht je die in je achtertuin willen bouwen) een paar tientjes,  bij kerkbouw gaat het al gauw om tienduizenden euro’s. Soms zelfs honderdduizenden. Het is dan ook vaak een goede beslissing om een professional te betrekken bij de (ver)bouw van een kerk. De kosten zijn, ten opzichte van de totale kosten van de verbouwing, vaak een bescheiden investering. Het verschil in eindresultaat is overduidelijk. Het is vaak niet alleen mooier, maar ook slimmer en duurzamer.

“Heitje voor een karweitje”

7 november 2017
07 Nov 2017

Sip stond mijn zoon begin januari 2017 voor het uitgebrande clubgebouw van zijn voetbalclub RKDEO. ‘Waarom doet iemand zoiets, mama?’ vroeg hij zich af. Dat antwoord moest ik hem schuldig blijven. Omdat ik heb geen verstand van heb van voetbal, nerveus wordt van bardienst, maar wel iets voor de club wilde doen, meldde ik me aan bij de bouwcommissie.

Vrijwilligerswerk

‘Ik ben Daphne, interieurarchitect en ik wil mijn vakkennis inzetten voor de vereniging, als vrijwilliger’ was mijn introductie. Ik begon met het inventariseren van alle wensen, qua uitstraling en functionaliteit. Een gooi in het diepe en een stevige kennismaking met de dynamiek binnen de club!

Al snel werd duidelijk dat de bruine kroeg uitstraling gehandhaafd moest worden. Een uitdaging om iets waar ik zelf niet zo snel voor zou kiezen, uit te werken tot een mooi geheel. Toch is dat gelukt. Nu, ruim 8 maanden later, staat de feestelijke heropening voor de deur. De reacties zijn -overwegend- positief.

Of ik er weer zo snel aan zou beginnen nu ik weet hoeveel vergader-, overleg-, ontwerp- en regeluren er in zijn gaan zitten? Misschien niet. Maar ik sta nog steeds achter mijn keuze voor dit vrijwilligerswerk.

Gratis?

Dat ik mijn kennis en kunde inzet als vrijwilliger, betekent niet dat ik er voor kies om gratis te werken. Een aanvraag om mee te doen aan een pitch? Nee bedankt, behalve als de opdrachtgever investeert in budget voor de (soms wel 10 schetsontwerpen die men aanvraagt). Een visie schrijven om een opdracht binnen te halen? Als men er voor betaald graag, anders nee dank u wel.

Vakkennis

Waarom? Omdat mijn vakkennis het enige is dat ik verkoop. Ik kies ervoor om als ontwerpbureau onafhankelijk te zijn en geen marge te vragen voor producten die ik adviseer. Hoewel het gratis leveren van vakkennis -om een mogelijke opdracht binnen te halen- door sommigen wordt gezien als “investeren in je onderneming”, doe ik daar niet aan mee. Net als dat een belastingadviseur geen gratis jaaropgave zal maken om een opdracht binnen te halen. Of een bakker geen gratis brood weg geeft om 10 broden te kunnen verkopen. Hoe investeer ik dan in mijn onderneming? Door o.a. deelname aan vakbeurzen, advertenties, professioneel drukwerk en door het volgen van cursussen.

Vrijblijvend

Wel kom ik vrijblijvend langs voor een kennismaking en een offerte, maar interieuradvies dat is niet gratis, geen “heitje voor een karweitje”. Want als dat zo zou zijn, heb ik geen tijd meer voor vrijwilligerswerk. Dan moet ik op zoek naar een baan om de boodschappen van te betalen.

Meer over dit onderwerp? www.bestebureaukeuze.nl

Kerkinterieurs en citroenen II

27 maart 2017
27 Mrt 2017

“Wat doe je dan precies?” vroeg de  journalist van het Reformatorisch dagblad kijkend naar de grote vaas met citroenen op mijn stand. “Ik ontwerp eigentijdse kerkinterieurs met respect voor traditie en ruimte voor iedereen” antwoordde ik. “En die citroenen, die staan voor een frisse blik op kerkinterieurs.?”

Dit was een van de vele ontmoetingen die ik had tijden de tweedaagse ‘Kerkenbeurs 2017’ in de Jaarbeurs in Utrecht. Een leuke gelegenheid voor mij, als interieurarchitect gespecialiseerd in kerkinterieurs, om met mensen over hun kerkgebouw te praten. De een kwam met een vraag over hoe om te gaan met de monumentenstatus van hun gebouw. De ander vroeg zich af hoe een nieuw interieur weer jonge mensen zou aanspreken, waarvan er steeds minder waren in hun vergrijzende gemeente.

Lezing

Andere vragen kwamen aan bod tijdens mijn lezing ‘7 valkuilen voor kerkinterieurs … en hoe ze te voorkomen’. Voor een volle zaal bezoekers vertelde ik o.a. over belang van een goed programma van eisen; als je dit goed aanpakt voorkom je aanpassingen in een laat stadium van het ontwerp en bespaar je daarmee geld tijdens de bouw. Over een reëel budget; vergelijk het met auto’s, als je geen geld hebt voor een Ferrari, maar wel voor een Fiat Panda, laat dan de mooiste Fiat Panda ontwerpen die er is. Over de kwaliteiten van een kerkgebouw; versterk de aanwezige kwaliteiten in het ontwerp. Over de valkuil rommel heb ik inmiddels een blog geschreven https://www.vdkl.nl/een-gastvrij-kerkgebouw-het-kan/  evenals over de valkuil details; https://www.vdkl.nl/blog-details-kerkinterieurs/.

Akoestiek en verlichting

Over akoestiek; maak gebruik van specialisten, dat is een investering aan het begin van het ontwerpproces, maar bespaard aan het eind geld omdat akoestische oplossingen direct worden mee ontworpen. Tenslotte over verlichting; hou rekening met de verschillende leeftijden in de kerk. Hoe ouder iemand is, hoe meer licht iemand nodig heeft om te zien. Zorg dat de verlichting hierop flexibel is aan te passen.

Waarom een interieurarchitect?

“We hebben al een architect én een krap budget. Waarom dan nog een interieurarchitect?” Deze vraag is ook aan de orde gekomen in gesprekken tijdens de beurs. Het klopt, een interieurarchitect kost geld. Net als andere adviseurs zoals architecten, constructeurs, akoestisch adviseurs en lichtontwerpers. Maar een interieurarchitect bespaart ook geld. Door al vanaf het begin mee te denken zorgt deze voor efficiënt ruimte gebruik in het ontwerp. De interieurarchitect is de schakel tussen verschillende andere adviseurs en maakt een geïntegreerd ontwerp dat een bijzondere uitstraling combineert met praktisch gebruik. Bovendien, afhankelijk van de wens van nieuwbouw, aanbouw of alleen herinrichting wordt regelmatig gekozen voor alleen een interieurarchitect.

Citroenen voor bloemen

De eerder genoemde citroenen stonden in een grote vaas op onze stand. Bezoekers konden het aantal raden en daarmee een bloemenbon winnen voor liturgisch bloemwerk of voor iemand in de kerk die wel een bloemetje kan gebruiken. Het laagste ingevulde aantal citroenen was 54, het hoogste 800. Het meest genoemde aantal (9x) is 110, ook andere ronde getallen waren favoriet; 100, 120 en 150 zijn allemaal 7x genoemd. Gemiddeld raadde men 127,5 citroenen. Op het filmpje zie je hoeveel citroenen er daadwerkelijk in de vaas zaten.

 

Dit jaar raadde niemand van de 198 deelnemers het exacte aantal citroenen. Eén deelnemer zat er 1 onder zeven anderen zaten er 1 boven. Deze acht deelnemers, waaronder de Protestantse Gemeente Barneveld, de Gereformeerde Gemeente Alexanderpolder, de Evangelische Lutherse Gemeente Apeldoorn, de Protestantse Gemeente Kloetinge  en de Westerkerk in Gouda ontvangen allemaal een bloemenbon van € 12,50. Gefeliciteerd!

Het belang van details in kerkinterieurs.

7 maart 2017
07 Mrt 2017

“Ik dacht, die heeft ze niet allemaal op een rijtje”. Het zal je maar gezegd worden en het werd me gezegd door de uitvoerder van een grote nieuwbouwkerk waarvan ik het interieur had ontworpen. “Maar toen het liturgisch meubilair werd neergezet, viel bij mij ineens het kwartje”. Waar hij op doelde waren de schuine lijnen die hij op de achterwand van het liturgisch centrum moest aanbrengen.

Deze magneetlijnen refereren aan de vorm van het gebouw. Ze zijn een ontwerpoplossing om posters en zondagsschool werkjes subtiel op te hangen. Dezelfde schuine lijnen komen terug in de messing details in het liturgisch meubilair.

Esthetische details

Bij een ontwerp kijk je niet alleen naar het grote geheel, maar zijn juist details van groot belang. Die esthetische details zoals hier boven beschreven zorgen ervoor dat alles in een ontwerp ‘op zijn plek valt’ en zorgen dat bijvoorbeeld de uitvoerder het ineens wél snapt. Naast esthetische details zijn er in een ontwerpproces ook altijd veel praktische details om rekening mee te houden.

Praktische details

Bij hetzelfde project was de wens om de kerkzaal te kunnen vergroten door een panelenwand weg te schuiven. Een uitvaart moest echter ook kunnen plaats vinden met een gesloten panelenwand. Belangrijk praktisch detail; de deurhoogte van de deuren in de wand. Voor een kist met rouwstuk die door dragers de kerkzaal in wordt gedragen is een vrije doorgang van 2m70 nodig. Als in een offerte ineens ‘standaard deurhoogte’ staat opgenomen gaan bij mij de alarmbellen af. Die blijkt namelijk 2m10 hoog. Een praktisch detail dat –indien onopgemerkt- grote gevolgen zou hebben.

Overzicht houden

Belangrijk is daarom dat goed overzicht wordt gehouden op al dit soort details tijdens het ontwerp- en bouwproces. Een interieurarchitect kan de (vrijwillige) leden van een bouwcommissie, hierbij ondersteunen en het ontwerp bewaken. Als ik dat voor een bouwcommissie doe en een bouwmanager verzucht tegen mij “ik werd soms wel moe van je, maar het resultaat is prachtig geworden” dan weet ik dat ik mijn werk goed heb gedaan.

Een gastvrij kerkgebouw? Het kan!

3 februari 2017
03 Feb 2017

Rommel

Mijn allereerste presentatie aan een kerkenraad begon met deze foto. Het was de hal van hun kerkgebouw en slechts drie stappen van de kerkzaal. Een eyeopener voor alle aanwezigen. Pas op het grote scherm zagen ze waar ze iedere zondag langs liepen en ze schrokken zich rot. Wat een ongastvrije entree. Let wel, deze foto is niet typisch voor dit kerkgebouw. In bijna iedere kerk dat ik daarna bezocht kon ik wel een dergelijke foto maken.

Gastvrij gebouw

Toch willen de meeste mensen die ik spreek dat hun kerkgebouw een welkome uitstraling heeft. Een gastvrij gebouw waar ook mensen ‘van buiten’ zich thuis voelen. Maar ook waar mensen geïnformeerd worden. Het weglaten van voorzieningen voor folders en posters, of het weglaten van een opbergplek voor liedboeken is geen optie. Het werkt zelfs contraproductief. Een welwillend gemeentelid heeft nog wel een kastje of prikbord over en voor je het weet is het gebouw nog rommeliger.

Slim ontwerp

Een slim ontwerp, waarbij rekening wordt gehouden wat er in het gebouw moet worden opgehangen of opgeborgen, zorgt voor een opgeruimd en gastvrij kerkgebouw. Denk daarbij aan een wand met geïntegreerde prikbord functie, voor posters en folders. Denk aan vaste inbouwkasten als onderdeel van het interieur, met ruimte voor liedboeken, voor extra stoelen, kerstversiering e.d. Denk aan magneetverf op wanden voor het ophangen van tekeningen van de kindernevendienst of posters in het liturgisch centrum. Op www.vdkl.nl staan diverse projecten waar deze oplossingen zijn toegepast, waaronder het project van bovengenoemde foto.

Opruimen

Wel rommel, maar nog geen verbouwing of nieuw interieur op de planning staan? Vraag eens iemand van buiten om een rondje door het kerkgebouw te maken en te vertellen wat hem/haar opvalt. Of maak foto’s van het interieur en bekijk deze eens op een groot scherm. En daarna met elkaar, een kritische blik en een vuilniszak door het gebouw. Opgeruimd staat netjes én gastvrij!

Wat een interieurarchitect van bruidsjurken kan leren

15 juni 2015
15 Jun 2015

Een half uurtje witte jurken, hartvormige halslijnen, veel kant, bergen tule, hier en daar een bruidstraan en aan het eind komt het altijd goed. ‘Say yes to the dress’, een Amerikaans programma over de verkoop van bruidsjurken, is mijn ‘guilty pleasure’.

Nietszeggend vermaak. Geen grotere problemen dan te veel of weinig ‘bling’. En hoewel een interieurontwerp iets anders is dan een bruidsjurk leveren zijn er overeenkomsten in de werkwijze. We inventariseren allebei de klantwensen en willen daarbij een zo goed mogelijk product leveren.

Er was echter één belangrijk verschil. Iedere bruid krijgt in de bruidsmodewinkel voor men op zoek gaat naar de perfecte jurk dezelfde vraag; ‘What price point are you comfortable with?’. In het Nederlands: wat is je budget.

Ik vroeg wel naar de klantwensen. In bruidstermen een hele lange sleep, een maatwerk sluier, veel bling dus handwerk en dure stof. Daarop maakte ik een offerte voor mijn ontwerpwerk. Aan dat type “jurk”/kerkinterieur/ kantoor ben ik zoveel uur ontwerptijd kwijt. Budget kwam pas later ter sprake.

En daarmee liep ik opdrachten mis.

Want er was slechts budget voor een eenvoudige “jurk”/kerkinterieur/ kantoor. Die ik overigens ook prima kan ontwerpen. Maar wat minder uur kost. En als ik dat had geoffreerd had ik de opdracht wél gekregen.

Dus voortaan vraag ik iedere opdrachtgever vóór ik offerte maak met Amerikaanse directheid: wat is je budget.

Over kerkinterieurs en citroenen  

26 maart 2015
26 Mrt 2015

Met mensen praten over ‘hun’ kerkgebouw. Iets leuker kan ik nauwelijks bedenken. Dat is logisch voor een interieurarchitect die zich speciaal richt op kerkinterieurs. Ik kon m’n hart dan ook ophalen tijdens de tweedaagse beurs ‘Kerk en Gemeente’. Daar viel ook voor mij nog heel wat te ontdekken… 

Zoveel mensen, zoveel kerken, zoveel smaken. En toch, opvallend veel mensen zijn heel tevreden met het interieur van hun kerkgebouw. De één is dolblij met de monumentale uitstraling, de ander vertelt juist enthousiast over recente vernieuwingen.

Ik hoorde ook verhalen van gebouwen die, volgens de gebruikers, aan een flinke opknapbeurt toe zijn. Ook daar zie je dat smaken verschillen en wensen uiteenlopen. De één wil bij een verbouwing echt een nieuwe, frisse blik, terwijl de ander erop aandringt dat het karakter van het gebouw niet verloren gaat. Ik vind dat een prachtige combinatie die precies aansluit bij mijn kracht: het ontwerpen van eigentijdse kerkinterieurs met respect voor traditie.

Schuine vensterbanken?

Een beroemde Nederlandse architect – zo gaat het verhaal- heeft ooit een appartementencomplex  ontworpen met schuine vensterbanken. Waarom? Omdat hij geen uitstalling van planten en beeldjes voor de ramen wilde. Het zou ‘zijn’ gevelbeeld verstoren. Als het verhaal waar is, dan ontwierp deze man vooral voor zichzelf, niet voor de gebruikers van het gebouw.
Datzelfde gebeurt ook weleens in kerken, zo hoorde ik van een beursbezoeker. Hij was niet zo enthousiast over de nieuwbouw. Waarom niet? De ontwerper had niet geluisterd naar de gebruiker. Het ontwerp was wel mooi, maar eigenlijk onhandig in het gebruik.

Luisteren, daar draait het dus om. Ik heb het maar weer stevig in m’n oren geknoopt.

Samen verder

Veel kerkdeuren sluiten. Gemeentes gaan, soms noodgedwongen, samen verder. Twee dames vertelden hoe ze hopen dat het ‘eigen’ kerkgebouw behouden kan blijven. Logisch, die kerk is voor hen meer dan een verzameling stenen. Het gebouw is verbonden met de grote gebeurtenissen in het leven: geboorte, huwelijk, overlijden en de vertrouwde plek waar ze wekelijks samenkomen.  Soms al wel 50 jaar.
Bij het samengaan van gemeenten of parochies is dat de uitdaging van mij als interieurarchitect: om een gevoel van ‘ons’ te creëren in de kerk die wél blijft. Ook al is dat de kerk van de ‘ander’.

Citroenen voor bloemen

En dan de citroenen. Die stonden op onze eigen stand in een grote vaas. De frisse inhoud was aanleiding tot veel leuke gesprekken en voor bezoekers betekende het een kans om bloemencheques te winnen. Hun uitdaging was om het aantal citroenen in de vaas te raden.
In totaal hebben we 178 ingevulde formulieren gekregen van mensen die kans wilde maken op één van de vier bloemenbonnen van 25,- euro, te gebruiken voor liturgisch bloemwerk of voor iemand in de kerk die wel een bloemetje kan gebruiken. De jongste deelnemer was 7 en de oudste 88 jaar. Het laagste ingevulde aantal citroenen was 48, het hoogste 1273. De meest genoemde aantallen zijn 75, 86 en 98 (allemaal 7x). Op het filmpje zie je hoeveel citroenen er daadwerkelijk in de vaas zaten.

 

We feliciteren de deelnemers uit de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt in Huizen en de Kloostergemeente Nijmegen met het exact raden van het aantal citroenen. Daarnaast waren er nog 3 kaarten waarop 1 citroen minder en 3 kaarten waarop 1 citroen meer was geraden. In plaats van twee bloemenbonnen van 25,- te verloten onder deze 6 kaarten, hebben we besloten voor alle zes een bloemenbon van 12,50 ter beschikking te stellen. Dit zijn de Hervormde gemeente Monster, de Hersteld Hervormde Gemeente Ridderkerk, de Parochie federatie Maasdorpen, de VEG-Nieuwleven Sliedrecht, de Hervormde Gemeente Asperen en de Hoeksteen in Zwijndrecht.

Beurs Kerk en Gemeente

13 maart 2015
13 Mrt 2015

Op 20 en 21 maart sta ik met VDKL interieurarchitectuur op de twee jaarlijkse vakbeurs ‘Kerk en Gemeente’ in de Jaarbeurs in Utrecht. Op deze beurs voor kerkelijk werkers staan ruim 100 exposanten met informatie over uiteenlopende onderwerpen; van paaskaarsen tot liturgisch textiel, van verzekeringen en financiën tot pastoraat en hulpverlening. En uiteraard exposanten over inrichting en interieur. Genoeg onderwerpen om de ruim 2000 bezoekers van informatie te voorzien.

En dan heb je ineens jezelf als klant

Krijg ik normaal gesproken de vraag van een opdrachtgever om een passend interieur te ontwerpen, nu ben ik mijn eigen opdrachtgever. De eisen die ik aan mijn stand stelde: verfrissend, helder, uniek, onderscheidend van anderen en met een twist waardoor bezoekers blijven staan. Bovendien moest de stand moet het verhaal van VDKL interieurarchitectuur vertellen. Een beeldmerk was snel gevonden, maar toch miste ik nog wat.

http://www.dreamstime.com/-image2815219

 

Ieder z’n vak

Daarom nam ik voor advies contact op met collega Saskia van Lamoen van Eyemelon. Waarom? Zij is -anders dan ik- o.a. gespecialiseerd in standbouw en ontwerpt regelmatig stands voor opdrachtgevers. En ik ben er van overtuigd dat als je een expert inschakelt, zich dit altijd uitbetaald.

Haar vakkennis op dit gebied -ook al zijn we beiden interieurarchitect-  is groter dan die van mij, ik heb nou eenmaal meer verstand van kerkinterieurs. Van haar kreeg ik o.a. de tip om de standaard frieslijst (boven een stand) weg te laten. Dit vergroot de hoek stand die ik heb visueel enorm.

Gratis entree

Het ontwerp is af. Het drukwerk is besteld en de uitnodigingen zijn verstuurd. Heb je onverhoopt geen uitnodiging ontvangen, maar wil je wel naar de beurs? Dat kan!  Ga naar www.kerkengemeente.nl, gebruik code “KG15VDKL” en je entreekaartje is gratis!

Wat ligt er op jouw nachtkastje?

23 november 2014
23 Nov 2014

Op 31 januari 2015 is de feestelijke opening van buurt-en-kerkhuis Bethel. Een project waar ik  -met tussenpozen- de afgelopen twee jaar met veel plezier aan heb gewerkt. De aannemer, meubelmaker, schilder en stoffeerder hebben het pand inmiddels verlaten. Tijd voor mij om de projectdocumentatie te archiveren. Voor in de map, nog net niet op de achterkant van een bierviltje kom ik de schets van het concept tegen. Het is mijn visuele antwoord op de vraag van de opdrachtgever; ‘Hoe maak je van twee losse panden, één geheel, zonder dat je constructief te zware ingrepen moet doen’.

schetsblok

 Hoe ontstaat zo’n idee?

Hoewel ik goed getraind ben in creatief denken is het niet een kwestie van gaan zitten op maandagochtend en de oplossing bedenken. Het start met diverse gesprekken met de opdrachtgever. Doorvragen en aanvoelen wat hun wensen zijn.  En in dit geval kon ik een aantal creatieve sessie houden met toekomstige gebruikers van het pand.  Uit die sessies kwam in woorden ‘Huis van God, thuis van mensen’ en ‘verbinding leggen met elkaar’. Huis en verbinding, verbinding en huis… en ineens had ik het.

Door een ‘rode draad’ door beide panden te weven ervaar je de panden als één geheel. In iedere ruimte kom je een stukje rode draad tegen. Niet letterlijk, maar figuurlijk. Deze rode draad verbind de beide panden (buurthuis en kapel) met elkaar en staat symbool voor verbinding tussen mensen. Uiteindelijk kostte het me vijf minuten om het idee op papier te zetten, op zo’n manier dat als ik de volgende dag wakker zou worden, ik nog zou weten wat ik die nacht had geschetst.

Nachtkastje

Dat lukte en de schets is inmiddels werkelijkheid. In het uiteindelijke ontwerp is de rode draad een gekleurde draad geworden, die in de gestreepte wanden terug komt. Dus als je mij vraagt; ‘Wat ligt er op je nachtkastje’? Is het antwoord; altijd een schetsblokje & pen omdat creativiteit zich nou eenmaal niet houdt aan kantoortijden.